Top laatste Vijf slotenmaker Overijse Stedelijk nieuws

De heidense Bellona verdreef zeker de heilige Clara. Het stille verblijf van de nonnen, welke zichzelf Clarissen noemden, werden herschapen in een bewaarplaats over grondstoffen waaruit buskruit gemaakt kon geraken. Dat dankte het tussen meer aan de helse uitvinding aangaande een monnik Barthold Schwartz, die zichzelf stortte op het ontwerpen aangaande verwoestende krijgsmiddelen, in regio betreffende een vreedzame orderegels betreffende bestaan klooster te praktiseren.

Anti dit eind aangaande de 17e eeuw zou de jenever een regio over een brandewijn als ‘hels vocht’ overnemen.

Betreffende het zesde woonhuis, vanaf het Bagijnhof gerekend, thans (in 1882) via een oud-assistent resident Met den Bor bewoond, wordt ‘ritmeester Rhijoven’ mits „huyrder met den adocaat Barnevelt, eygenaer” opgegeven. (Zijn volle titel was Joncker Louys de la Catulle, Heere betreffende Rijhove) Het huis bevatte 8 haardsteden. In het huis daaraanvolgende resideerde ‘den Prince aangaande Poortugael’. Overeenkomstig aangifte van `s Prinsen diena­ren was dit betreffende 9 haardsteden voorzien, een getal het via slechts één enkel woonhuis in die buurt werden be­reikt.

In een Cellebroerssteeg woonde ons zekere Heyndrick Jansen, ‘nastelingmaker’, die ‘nestels’ of ‘nestelingen’ (veters) vervaardigde vanwege de Delfse poorters en poorteressen of liever voor de ganse schoendragende gemeente over de stad.

Kunst ademt een geest betreffende een tijd. Daaraan kunnen ook gemeentebestuurders niets aan- ofwel afdoen. Hetgeen een mooie kans voor de Gemeente Den Helder het initiatief van onze Helderse eigentijdse schilder tevens landelijk op de kaart te zetten en aldus mee te werken aan het afbouwen aangaande dit vooroordeel aan Den Helder. Rob Scholte, ga zo via man!

Beantwoorden Ons raadsmeerderheid stemde daar vorige week in beslotenheid mee in het dit college eigenstandig beslist aan aantal vluchtelingen, tijdsduur van opvang en opvanglocatie.

Daarom werden de Van Groenwegens met een stadsregering uitgesloten en opgenomen onder een welge­boren heren van Delfland. Simon met Groenwegen bekleedde onder overige wegens 1600 het ambt aangaande Schepen en was in het jaar een van de drie Weesmeesters.

Lopende van de Heerlijke Breesteeg langs de westzijde over een Koornmarkt noordwaarts op komen we langs een menigte van brouwerijen. Tal met uithangtekens en gevelstenen gaven kleur en gevarieerdheid aan een huizen aangaande welke nog bijzonder bedrijvige, drukke buurt, waarover Bleyswijck in zijne Beschrijvinge schrijft. Tussen andere wijst hij op ‘seeckere precisiteyt’, welke een destijds zo bloeiende Delfse Koornmarkt ‘dapper (deed) verloopen’ en eindelijk geheel te ook niet gaan.

Al die huizen en huisjes op een Boterbrug waren toen eigendom over de plaats en aan verscheidene personen verhuurd, bijvoorbeeld aan ons kleermaker; met ‘Franchois de boode op Middelburch’; met een kuiper; ons knoopmaker en anderen.

De meesters over 't Nieuwe Gasthuis moesten hem en bestaan huisgezin daarnaast betreffende een woonplaats ‘versorghen’. 3 dagen later trad de nieuwe ambtenaar in dienst. Omdat een conditiën, waarna hij werd aangesteld - men lette op dit verschil betreffende loon voor de dood en voor dit behoud aangaande een patiënt - vrij curieus zijn, heb ik voor die pestmeester hetgeen langduriger verwijld.

‘Reynier, eertijds predicant’, had daar ons huis, het hij met 2 zusters verhuurde. (Bedoeld kan zijn Regnerus Donteclock, over 1577-1590 bedienaar over het Goddelijk Woord in Delft, die in laatstgenoemd jaar tot Voorschoten vertrok. Volgens de legger van een verponding aangaande 1620 was dat woonhuis toen alsnog aldoor eigendom over de weduwe van Reynier Donteclock, predicant) Behalve hem woonde een dochter betreffende wijlen Andries aangaande der Goes en eindelijk, op een zuidwesthoek betreffende een Nieuwstraat, de zesde kleermaker aan dat deel betreffende het Antieke Delft.

Bij hem gaat op zijn ouden dag een herinnering over vroegere tijden nog wel eens betreffende weemoed zijn in je gedachten opgekomen; aangezien wegens hem, gelijk wegens zovelen, welke de ‘oude religie’ (RK godsdient)

Met de Klik hier noordzijde met een Nieuwstraat, oostwaarts op lopend, gadeslaan we een ruime thuis en dit ‘comptoir’ over een notaris publicus Ghijsbert betreffende Wijck. Nader een webwinkel over Annigen Jans ‘lindelaken­coopster’, wier naastwonende Dirck Jansz ‘glaesmaecker’ over zijn ambacht was. Aan het eind aangaande een rij woonde toen Hans Berchey, die ‘cramer’ was over beroep. Dat wensen zijn zeggen het deze ons winkel hield, waarin hij alle mogelijke waar te bestel aanbood, die een Fransen mercerie noemen: korte voorwerpen met geringe waarde, oudtijds kramerij geheten.

E. Heeren magistraten dezer stad gecommitteerd, had deze in dat beduidend deel met Delft 752 haardsteden aangetekend. Na­tuurlijk bedroeg het reeks eesten en ketels heel wat minder dan in het 13e kwartier [Koornmarkt, westzijde],

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *